The Things Network: aan de start van een wereldwijd netwerk van dingen

The Things Network is een Nederlands bedrijf dat hard aan de weg timmert met een wereldwijd open netwerk-der-dingen. In het pand van Rockstart, een van de Amsterdamse hotspots voor startups, spreken wij de mede-oprichter-eigenaar, Wienke Giezeman. Hoe ver is de ontwikkeling van the Internet of Things? En hoe gaat The Things Network geld verdienen aan een open netwerk?

Hoe ben je op Thwienkegiezeman11e Things Network gekomen?

“Ik had in 2014 mijn bedrijf, een video-on-demand portal, verkocht. Een half jaar later startte ik met mijn compagnon (Johan Stokking, red.) alweer een nieuw bedrijf: The Things Network. Wij zagen dat veel organisaties in afzondering van elkaar aan IoT werkten. Er ontbrak een standaard voor systemen om met elkaar te communiceren, wat de ontwikkeling van IoT-toepassingen afremt. Toen lazen we over het LoRa-netwerk, een open radiofrequentienetwerk. Als we dit zouden koppelen aan internet, dan zou dat een nieuwe standaard kunnen worden.”

Waarom LoRa?

“Het is verreweg de meest efficiënte manier om apparaten met elkaar te laten verbinden. Het netwerk zelf is open, maar wel encrypted. Het netwerk zelf is gratis. Bovendien verbruikt het weinig stroom, waardoor je tot wel drie jaar met een accu kan doen. Dit maakt machine-to-machine communicatie op grote schaal haalbaar.”

En wat doet The Things Network dan precies?

“Wij maakten een hub, een oplossing die het LoRa-netwerk koppelt aan internet. Die kun je gewoon in onze webshop kunt kopen. We ontwikkelden ook goedkope sensoren. Zo bieden wij laagdrempelig hardware waarmee iedereen aan de slag kan met IoT toepassingen. Want dat is de enige manier waarop IoT kan groeien: je bouwt voort op elkaars applicaties. Inmiddels zijn we een wereldwijde community van duizenden ontwikkelaars en bedrijven.”

Hoe gaat IoT waarde toevoegen?

“Het Internet of Things zelf is niet zo waardevol, het zijn slechts sensoren en connectiviteit. De waarde-creatie zit in de toepassingen. Neem het Amsterdamse bedrijfje Hoos Maar: we ontwikkelden samen met hen een watersensor waarmee een volgelopen bootje vanaf de gracht een signaal stuurt. De eigenaar van de boot kan dan per SMS reageren met “Hoos Maar”. Zo weet Hoos Maar precies wat zij wanneer moet doen.”

Hoe ver zijn we met IoT?

“Het afgelopen jaar is er veel aandacht voor IoT en LoRa, maar we staan echt nog aan het begin. Ik noem het moving forward, looking backwards. Toen het internet er net was, werd het gebruikt voor heel basale dingen; denk aan het inschrijven voor reclamefolders. Stap-voor-stap breidden de toepassingen zich uit en kunnen we het niet meer wegdenken uit ons leven. Zo zal dat ook met IoT gaan: naarmate er meer verbondenheid van apparaten is, gaan de innovaties ook sneller.”

Wie zijn de early adoptors van IoT?

“Er is veel vraag vanuit de facilitaire sector, denk aan IoT om muizenvallenrondes of beveiligingsrondes overbodig te maken. Of denk aan het waterschap van Amsterdam, dat nu via rondes de gemalen controleert: ‘staat het lampje op rood of op groen?’. Via IoT kun je dit gemakkelijk automatiseren. Bovendien kun je met de verzamelde data ook voorspellingen gaan doen (predictive maintenance, red.).”

Wie is nou jullie doelgroep?

“Wij richten ons vooral op het bedrijfsleven; zij kunnen via onze hardware en kennis zaken automatiseren die eerst nog niet de moeite waard waren om te automatiseren. Dat is ook de route die het Internet volgde: eerst werd het gebruikt om ERP-systemen met elkaar te laten praten, later kwam email erbij, toen content creatie en daarna pas sociale media. Eerst was er internet op het werk, toen thuis en nu op je mobiel. Als de technologie er klaar voor is, komt de rest vanzelf.”

Er kan dus veel meer dan rondes automatiseren?

“Slimme bedrijven richten zich ook alvast op die (middel)lange termijn, niet alleen op een positieve business case voor alleen automatisering. We staan nog maar aan de start van het tijdperk van Industry 4.0!”

Wat moet er gebeuren om verder te groeien?

“Het moet nog makkelijker worden om verticals (kant-en-klare toepassingen, red.) te maken. We werken aan een professionele versie van onze infrastructuur, die zo makkelijk te gebruiken is dat er geen IT-afdeling meer nodig is. Dan kunnen veel meer mensen IoT toepassingen gaan maken.”

Jullie zitten bij Rockstart in het gebouw, wat levert jullie dat op?

“Het is een prettige omgeving waarin je makkelijk veel contacten legt. Dat is niet alleen leuk, maar het helpt ons ook met het aantrekken van nieuwe mensen. We groeien namelijk snel; we zijn inmiddels met 16 mensen.”

Over The Things Network

The Things Network is naar eigen zeggen een community van ontwikkelaars en bedrijven, die samen aan een open netwerk van dingen werkt. Het is een LoRa-netwerk, wat staat voor Long Range, Low Power. In feite een al bestaande radiofrequentie, waarop simpele data kunnen worden verzonden. The Things Network wil via de verkoop van sensoren en hubs en het delen kennis ervoor zorgen dat dit netwerk groeit tot een wereldwijd dekkend Internet of Things. Met 16 medewerkers werken zij vanuit het Amsterdamse Rockstart gebouw.

 

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *